Verslaving
Lees meer over heroine verslaving en afkickverschijnselen bij heroineverslaving
De meeste mensen gebruiken wel eens middelen, zoals alcohol en tabak of cannabis (marihuana of hasjies). Er zijn ook mensen die harddrugs of medicijnen (kalmerende-of slaapmiddelen) zonder medische indicatie gebruiken. Hierdoor kan men zich prettiger, zelfverzekerder of meer ontspannen voelen. Ook kan men het gevoel hebben er meer bij te horen of het samen gezelliger te hebben. Zo lang er sprake is van matig gebruik, hoeft er nog niets ernstigs aan de hand te zijn. Als men echter meer gebruikt dan men wil, niet kan stoppen, het gebruik niet meer in de hand heeft, als men een groot deel van de dag bezig is met het gebruik, dan spreken we van verslaving.
Verslaving komt veel voor. Zo zijn er in Nederland zeker 650.000 mensen, die problemen hebben met alcoholgebruik en enkele tienduizenden met het gebruik van drugs. Deze folder gaat alleen over alcohol-en drugsverslaving. Andere verslavingen zoals gokken, medicijn en rookverslaving zijn hiermee echter goed vergelijkbaar.
Mensen raken niet van de ene op de andere dag verslaafd. Daar gaat een heel proces aan vooraf, dat wordt gekenmerkt door een viertal fasen.
Verslaving - Fase 1:
Meestal begint het, vaak op jonge leeftijd met experimenteel gebruik: uit nieuwsgierigheid probeert men een bepaald middel uit. Deze fase heet de ‘experimenteerfase ’.
Verslaving - Fase 2:
De gebruiker zoekt de positieve effecten van het middel en weet het gebruik ervan in zijn leven in te passen zonder dat hij er last van heeft. Dit wordt de fase van ‘sociaal of geïntegreerd gebruik ’ genoemd.
Deze twee fasen leveren meestal geen problemen op. De dosis wordt niet verhoogd en er treden geen onthoudingsverschijnselen op als men het middel een tijd niet neemt. Uitzondering hierop vormen jongeren die met middelen experimenteren. Zij kunnen óf door gebruik van onverwacht overmatige hoeveelheden óf door gebruik van onbekende en mogelijk verontreinigde middelen riskant bezig zijn.
Verslaving - Fase 3:
Het sociale gebruik gaat geleidelijk of plotseling (bijvoorbeeld bij problemen)over in een fase van ‘overmatig en schadelijk gebruik ’.
Het gebruik krijgt een steeds grotere rol in het dagelijks leven. Men gebruikt niet alleen om zich lekker te voelen, maar ook om spanningen en onlust te verdrijven.
Verslaving - Fase 4:
In deze fase: ‘de verslavingsfase ’ wordt vrijwel het hele leven door gebruik beheerst. Er zijn schadelijke gevolgen op lichamelijk, psychisch en sociaal gebied.
Hoe snel de vier fasen doorlopen worden is onder andere afhankelijk van het middel en van de leefomstandigheden, waarin iemand verkeert. Bij heroïne gaat dit in het algemeen sneller dan bij alcohol. Ook gaat het sneller wanneer men verkeert in een omgeving, waarin middelengebruik normaal is.
Verslaving verschijnselen
Bij een verslaving komen psychische, lichamelijke en sociale verschijnselen voor.
Psychische verschijnelen van verslaving
Er bestaat een onweerstaanbare behoefte aan het middel (hunkering of zucht). Men heeft het gevoel dat men het middel nodig heeft en verlangt terug naar het effect. Men is in denken en doen continu bezig met het middel. Tegelijkertijd wordt het overmatige gebruik nogal eens ontkend en verheimelijkt.
Naast deze directe verschijnselen gaat verslaving regelmatig gepaard met symptomen als angst, depressie en verwardheid.
Lichamelijke verschijnelen van verslaving
Er zijn twee belangrijke lichamelijke verschijnselen. Allereerst kan de gebruiker tolerantie ontwikkelen ten opzichte van het middel. Dit betekent dat men steeds meer nodig heeft om eenzelfde effect te bereiken.
Daarnaast kan het lichaam zo gewend raken aan het regelmatige gebruik dat het niet meer zonder kan. Bij staken van het middel ontstaan onaangename onthoudings-of ontwenningsverschijnselen: trillen, transpireren, misselijkheid, gevoelens van angst en rusteloosheid.
Deze verschijnselen verdwijnen als opnieuw gebruikt wordt. Ontwenningsverschijnselen kunnen ook optreden zonder dat van verslaving sprake is, bijvoorbeeld bij het plotseling stoppen met het gebruik van bepaalde geneesmiddelen.
Tolerantie en onthoudingsverschijnselen treden met name op bij overmatig gebruik van alcohol en opiaten (heroïne). Het willen vermijden van die verschijnselen vormt vaak een belangrijke reden om met het gebruik door te gaan.
Sociale verschijnelen van verslaving
Omdat de gebruiker niet meer goed functioneert, kunnen conflicten met de omgeving (partner, gezin, familie en vrienden) en op het werk ontstaan. Aan de ene kant beperkt de gebruiker zijn bestaan steeds meer tot die personen en die situaties die direct te maken hebben met het verkrijgen van het middel; aan de andere kant nemen mensen uit de omgeving vaak veroordelend afstand van de gebruiker.
Gezondheidsrisico ’s van verslaving
Zowel alcoholverslaving als drugsverslaving kunnen verschillende lichamelijke aandoeningen veroorzaken, die ernstiger zijn naarmate het gebruik langer duurt.
Zo kan teveel alcohol leiden tot te hoge bloeddruk, ontstekingen van de maag en de alvleesklier (met suikerziekte als gevolg) en tot vergroting en verharding (cirrose) van de lever. Bij langdurig en zeer veelvuldig gebruik kan alcohol leiden tot hersenbeschadiging en ernstige hartklachten.
De lichamelijke gevolgen van heroïneverslaving ontstaan vooral door het onveilige spuiten. Lever-, long-en aderontstekingen, abcessen, hartaandoeningen en besmetting met het aidsvirus of andere infectieziekten kunnen het gevolg zijn. Overmatig cocaïnegebruik kan tot ernstige hartproblemen leiden.
XTC en vergelijkbare pillen werken oppeppend. De meest gevaarlijke lichamelijke complicaties zijn oververhitting en uitdroging. De steeds wisselende samenstelling van de pillen kan leiden tot psychische verschijnselen als verwardheid, opwinding of sterke angst.
Oorzaken van verslaving
Er is niet één oorzaak aan te wijzen voor het ontstaan van een verslaving. Meerdere factoren spelen daarbij een wisselende rol:
Biologische factoren
Erfelijkheid kan een rol spelen. Dat betekent dat sommige mensen door hun erfelijke aanleg een verhoogde kans hebben verslaafd te worden.
Psychische factoren
Bepaalde psychische problemen maken iemand kwetsbaarder voor het ontwikkelen van een verslaving. Door het gebruik van een middel kan iemand het gevoel krijgen een ingewikkelde situatie beter de baas te kunnen, hetgeen de verslaving in de hand werkt.
Sociale factoren
De situatie of omgeving zoals het gezin of de werkplek kan het gebruik van middelen sterk beïnvloeden.
Bij mensen uit een gezin waar fors gebruik van middelen normaal is, is de kans groter dat zij zelf ook eerder tot overmatig gebruik komen. Jongeren spiegelen zich in hun middelengebruik vaak aan die leeftijdgenoten bij wie zij graag willen horen. Zo is XTC-gebruik sterk verbonden met jongeren, die houseparty ’s bezoeken.